Psalmen 54
© Herziene Statenvertaling
© NBG
New International Version
1 Een onderwijzing van David, voor de koorleider, bij snarenspel; 1 Voor de koorleider. Bij snarenspel. Een leerdicht van David, 1 Save me, O God, by your name; vindicate me by your might.
2 toen de Zifieten gekomen waren en tegen Saul gezegd hadden: Verbergt David zich niet bij ons? 2 Toen de Zifieten aan Saul waren komen zeggen: Verbergt David zich niet bij ons? 2 Hear my prayer, O God; listen to the words of my mouth.
3 O God, verlos mij door Uw Naam, verschaf mij recht door Uw macht. 3 O God, verlos mij door uw naam, verschaf mij recht door uw kracht. 3 Arrogant foes are attacking me; ruthless people are trying to kill me— people without regard for God.
4 O God, luister naar mijn gebed, neem de woorden van mijn mond ter ore. 4 O God, hoor mijn gebed, neem ter ore de redenen van mijn mond. 4 Surely God is my help; the Lord is the one who sustains me.
5 Want vreemden staan tegen mij op, geweldplegers staan mij naar het leven; zij houden God niet voor ogen. 5 Want vreemden staan tegen mij op, geweldenaars staan mij naar het leven; zij houden God niet voor ogen. [sela] 5 Let evil recoil on those who slander me; in your faithfulness destroy them.
6 Zie, God is mijn Helper, de Heere is onder hen die mijn ziel ondersteunen. 6 Zie, God is mij een helper, de Here is het, die mij schraagt. 6 I will sacrifice a freewill offering to you; I will praise your name, Lord , for it is good.
7 Hij zal mijn belagers dit kwaad vergelden; breng hen om vanwege Uw trouw. 7 Hij zal het kwaad vergelden aan wie mij benauwen, verdelg hen in uw trouw. 7 You have delivered me from all my troubles, and my eyes have looked in triumph on my foes.
8 Ik zal U vrijwillig offers brengen; ik zal Uw Naam loven, HEERE, want hij is goed. 8 Ik zal U vrijwillig offers brengen, ik zal uw naam loven, Here, want hij is goed;  
9 Want Hij heeft mij gered uit alle nood; mijn oog heeft de val van mijn vijanden gezien. 9 Omdat Hij mij gered heeft uit alle benauwdheid, zodat mijn oog met vreugde op mijn vijanden zag.